Kerstboom-appelcake
Een grappige en smakelijke vorm om stil te staan bij de betekenis van een kerstboom en appels.
Ingrediënten
- 500 g appels
- 300 g zelfrijzend bakmeel
- 150 g boter
- 100 g suiker
- 150 ml melk
- 3 eieren
- 1 theelepel kaneel
- snuf zout
- poedersuiker voor garnering
- rode jam voor garnering
Bereiden
Schil de appels, verwijder het klokhuis en snijd ze in kleine stukjes.
Klop de boter met de suiker. Voeg de appels, bakmeel en kaneel toe.
Kluts de eieren en de melk en giet bij het deeg.
Roer met een houten lepel tot een goed beslag, maar roer of klop niet teveel.
Bekleed een bakplaat met bakpapier.
Maak een vierkant door een gedeelte van het bakpapier omhoog te laten staan (vouw het dubbel).
Giet het beslag in het vierkant en bak 40 minuten in een op 180 graden voorverwarmde oven.
Laat de cake afkoelen, keer hem om en verwijder voorzichtig het bakpapier.
Snijd de cake diagonaal door en snijd één van de zijden parallel aan de diagonaal doormidden.
Snijd de ‘stam’ van de boom van de andere diagonaal, zodanig dat er een grote en kleine driehoek overblijft.
Leg de stam en de driehoeken in de vorm van een kerstboom.
Dek de ‘stam’ af en bestrooi de rest met poedersuiker.
Garneer met rode jam.
Toelichting
Appels
In het Latijn is het woord voor appel (Malus), het zelfde als het woord voor kwaad (malus). Daarom kreeg de appel in de Middeleeuwen de betekenis van de verboden vrucht die Eva aan Adem aanbiedt in het verhaal over de zonde in de tuin van Eden (Genesis 3). In dit verhaal wordt de appel echter niet genoemd, er is slechts sprake van een vrucht. De appel was wel bekend in het land van de Bijbel (zie Joël1,12). De appel was en is ook een teken van vruchtbaarheid. In voorstellingen waarin Maria of Jezus een appel in de hand houdt, is het een verwijzing naar verlossing of overwinning van het kwaad.
De openbaring van de zoon van God op aarde, leidt ons naar een weg die recht doet aan mensen en aarde, het kwaad overwint en een weg van vrede wijst.
Kerstboom
Een altijd groene boom, vaak een spar, in huis halen rond Kerstmis is een traditie die in Nederland pas in geliefd werd, aanvankelijk vooral bij protestanten. Dit gebruik was vanaf de 16 eeuw in Duitsland en Elzas bekend. Aanvankelijk werd de groene spar versierd met appels en papieren rode roosjes.
Door het gebruik van kaarsen in de boom wordt in de christelijke traditie verwezen naar de kerstboom als licht-boom. Door de altijdgroene boom, kan de kerstboom verwijzen naar de levensboom in de Hof van Eden (Genesis en in het boek Openbaring). Groene bomen zijn eveneens beeld van rechtvaardigen (Hosea 14,9 en Psalm 52,10 ).
Dat beeld is ook hoorbaar in het lied: Eens komt de grote zomer (Lied 747, Liedboek, zingen en bidden in huis en kerk) “God zal op aarde komen met groene eeuwigheid.”